Keatsmuseum speelt belangrijke rol in familiereünie Ids Jousma

Toeval speelt in het leven soms een bepalende rol. En dat was vrijdagmiddag 4 september het geval voor een drietal bezoekers aan het Keatsmuseum. Het was een echtpaar met zoon (hun dochter was afwezig) die in verband met de coronacrisis in Friesland met vakantie waren. De vrouw herinnerde zich dat ze in haar jeugd vaak de medailles en andere kaatsprijzen van haar pake had gezien. Pake had ze nooit gekend want die was al op jonge leeftijd overleden. Maar zijn eretekens zouden in het Keatsmuseum zijn.

Pake Ids Jousma


Die ‘pake’ was er niet zo maar één. Het was Ids Jousma, één van de allerbeste kaatsers uit de jaren twintig. Hij was de eerste kaatsers die het Klavertje Vier won (Freulepartij, Jong Nederland, Bondspartij en PC). De PC zou hij vier keer winnen en de Bondspartij zelfs vijf keer. Toen hij zich eenmaal geformeerd had met Taede Zijlstra en Klaas Kuiken vormden zij een schier onoverwinnelijk partuur. Zo wonnen ze in één jaar 23 van de 32 wedstrijden en er kwamen steeds meer verenigingen die hen uitsloten van deelname als ze met z’n drieën formeerden. De kaatsroem van Ids Jousma had wellicht nog groter geweest als niet een ernstige slagersziekte (blaasworm) rond 1930 een einde maakte aan zijn kaatscarrière. Hij zou er in 1935 aan overlijden en slechts 34 jaar worden.

Kleinkinderen


Zijn kleinkinderen hebben hem daarom nooit bij leven gekend, maar zijn kaatsroem leefde voort in de familie want zijn echtgenote waakte trots over zijn eretekens die bij haar thuis waren uitgestald. Na haar overlijden zijn een deel van zijn gewonnen eretekens naar het Keatsmuseum gebracht. En het waren de herinneringen aan deze kaatsprijzen die bovengenoemde familie naar het Keatsmuseum bracht.


Broer


Nu wilde het toeval dat Theo Kuipers juist die middag in het Keatsmuseum aanwezig was en een paar weken daarvoor de kaatscollectie van Ids Jousma had gescand en beschreven. Binnen no time had ik de prijzen van Ids Jousma uit het depot uitgespreid op tafel. Maar ik herinnerde me ook dat ik zo’n twee jaar geleden met Ids Talen uit Boazum dezelfde eretekens had bekeken. Ids Talen was via zijn moeder verwant aan Ids Jousma. Ik werd nieuwsgierig en  vroeg de bezoekers naar hun familierelatie met Ids Jousma. De echtgenote vertelde dat zij Janke (Jannie) Talen heette en dat zij via haar moeder afstamde van Ids Jousma. Ik vertelde haar van mijn contact met Ids Talen. Haar mond viel open van verbazing. Ze keek me verwonderd aan en zei: ‘Dat is mijn broer die ik al 30 jaar niet meer heb gezien. Ik heb overal naar hem gezocht maar heb hem nergens kunnen vinden.’

Een ander toeval wilde dat vrijwilliger Klaas Dijkstra in Boazum de buurman is van Ids Talen. Een telefoontje naar Klaas en het contact was via hem snel gelegd. Vijf minuten later hadden broer en zus Talen elkaar na dertig jaar aan de telefoon. Het gesprek werd beëindigd met de afspraak om elkaar de volgende dag direct op te zoeken. De volgende dag kreeg ik ’s middags een appje dat ze elkaar hadden ontmoet en ze ons bedankten voor de hulp bij de hereniging. Waar een bezoek aan het Keatsmuseum al niet toe kan leiden.

 

Tekst: Theo Kuipers